Delftenaren denken mee over duurzame warmte

Hoe zorgen we in Delft voor schone en betaalbare warmte voor alle inwoners? Sinds de zomer denken 25 Delftenaren mee over het warmteprogramma. Bien uit Vrijenban en Rinus uit Tanthof-West doen mee en vertellen over hun ervaringen.

Voor Rinus is het onderwerp warmte bekend terrein. “Tot mijn pensioen werkte ik als EPA-adviseur. Daarbij kende ik energielabels toe aan sociale huurwoningen,” vertelt hij. “Ik las in de krant dat de gemeente inwoners zocht die wilden meedenken over het warmteprogramma. Dat paste precies in mijn straatje. Ook wilde ik graag op de hoogte blijven van de plannen voor Delft. Want al gaat onze buurt misschien niet als eerste van het gas af, we moeten wel aan de slag.”

Bien stapte juist zonder voorkennis in. “Ik vulde een enquête in van de gemeente over warmte en betaalbaarheid,” vertelt ze. “Terwijl ik bezig was, dacht ik: wat ingewikkeld! Maar ik vond het ook heel interessant. Aan het eind werd gevraagd of ik mee wilde doen aan de meedenkgroep. Dat leek me leuk. Door die enquête besefte ik dat warmte een veel groter onderwerp is dan ik dacht.”

Verschillende meningen

De groep komt in totaal zes keer bij elkaar tot februari 2026. Elke bijeenkomst gaan de deelnemers in gesprek over een ander onderwerp. De sessies worden begeleid door de gemeente en een onafhankelijke procesbegeleider. “Soms is iedereen het met elkaar eens, andere keren zijn we heel verdeeld,” vertelt Bien.

Vaak blijkt dat er meer manieren zijn om naar een onderwerp te kijken. Bien: “Neem ‘betaalbaarheid’: dat betekent voor iedereen iets anders. Ik vind het bijvoorbeeld belangrijk dat ik invloed heb op de hoogte van mijn eigen kosten. Ik woon in een huurwoning en stook weinig: ik trek eerder iets warmers aan dan dat ik de verwarming aanzet. Daarom vind ik het belangrijk om een eigen meter te hebben. Als de stookkosten van het gebouw gesplitst zouden worden, zou ik veel meer betalen.”

‘Soms is iedereen het met elkaar eens, andere keren zijn we heel verdeeld.’

Keuzevrijheid

Rinus: “Ik vind dat warmte betaalbaar moet zijn voor mensen met een kleine beurs. Door mijn werk weet ik ook dat er veel woningen zijn met slechte ventilatie, slechte isolatie en enkel glas. Als het gaat om de volgorde waarin we Delft verduurzamen, zou ik willen dat we die mensen als eerste helpen. Daar zit de grootste pijn en is de grootste winst te halen.”

Bien: “Dat bracht ons ook op het onderwerp ‘keuzevrijheid’. Kun je mensen verplichten te verduurzamen? Voor huiseigenaren is het een investering in hun eigen huis, voor huurders zit dat anders. Soms moeten ze bij een grote renovatie tijdelijk hun huis uit. Dat bespreken we ook.”

De hele stad

Bien vindt het mooi dat de groep zo divers is. Er doen inwoners mee uit elke wijk, van verschillende leeftijden en uit diverse woonsituaties. “Toch is niet iedereen vertegenwoordigd. We krijgen daarom de opdracht om in onze gesprekken steeds een ‘denkbeeldige Delftenaar’ in ons achterhoofd te houden, iemand die niet in de groep vertegenwoordigd is ,” vertelt ze. “Zo houden we rekening met iedereen in de stad.” “We willen in 2050 van het aardgas af,” zegt Rinus. “Daar is veel voor nodig, maar het is goed dat Delft met deze plannen bezig is – en dat we mee kunnen denken.” Bien is het daarmee eens. “Elke sessie is ontzettend interessant. Het is bijzonder om samen mee te kunnen praten over de toekomst van Delft.”

Twee oudere mensen staan buiten op een grasveld, met op de achtergrond enkele moderne grijze flatgebouwen en een kale boom. De vrouw links draagt een zwarte jas en een opvallende roze sjaal. De man rechts draagt een donkere jas en een bril. Beiden kijken richting de camera en het is bewolkt.

Beeld: Erwin Dijkgraaf

Warmteprogramma

In het warmteprogramma staat hoe Delft stap voor stap over stapt op duurzame warmte. Er staat bijvoorbeeld in welke wijken als eerste aan de beurt zijn en welke manier van verwarmen het meest geschikt is per buurt, zoals een warmtenet of warmtepomp. En hoe de gemeente inwoners en bedrijven wil helpen om de overgang betaalbaar te houden. De meedenkgroep komt tot begin 2026 bij elkaar. De gemeente verwerkt de ideeën, wensen en zorgen van de groep in het warmte programma, zodat het plan straks goed aansluit bij wat er in Delft leeft. Het warmte programma wordt naar verwachting in 2026 vastgesteld.